Eerlijke bekentenis: ik weet het soms ook niet meer als de kinderen vragen stellen over de dood of scheiding. Hier lees je hoe ik verhalen gebruik om de rauwe werkelijkheid te overleven.
Gisteravond zat ik met mijn driejarige op schoot en probeerde ik uit te leggen waarom de goudvis niet meer bewoog. "Slaapt hij, mama?" vroeg ze met die grote, onschuldige ogen.
Ik wilde zeggen dat 'Blub' op vakantie was, maar we weten allemaal dat die leugentjes om bestwil later altijd terugslaan als een boemerang. De waarheid is rauw, ongefilterd en soms doodvermoeiend als je zelf ook nog drie wassen moet draaien.
Verhalen vertellen is voor mij geen chique pedagogisch instrument, maar pure OVERLEVING. Het is die schildwacht die tussen de harde wereld en het kwetsbare hart van mijn kinderen staat.
We denken vaak dat boeken alleen bedoeld zijn voor een vredig bedritueel met roze wolken. Maar wat als de wolken grijs zijn? Wat als er sprake is van een scheiding, ziekte of het verlies van oma?
Mijn zoon van acht stelt inmiddels vragen waar ik het spaans benauwd van krijg. Waarom worden mensen ziek? Waarom wonen de ouders van zijn vriendje in 'twee huizen'?
Ik ben geen psycholoog, ik ben gewoon een moeder die soms ook maar wat aanmoddert met een kop lauwe koffie in de hand. Maar ik heb geleerd dat een goed verhaal de scherpe randjes eraf haalt zonder de waarheid te verdraaien.
Zoals de bekende psychologe Martine Delfos altijd zegt: we moeten communiceren op ooghoogte. Dat betekent niet dat we alles mooier moeten maken, maar dat we een taal moeten vinden die zij begrijpen.
Boeken zoals Kikker en het vogeltje zijn voor ons goud waard. Het gaat niet over 'voor altijd slapen' (want dan durft je kind nooit meer naar bed), maar over het feit dat het leven soms ophoudt.
Soms gebruiken we zelfs de overgebleven witte pagina's achterin een boek om zelf te tekenen hoe we ons voelen. Dat noemen we onze 'gevoelskaart'. Het hoeft niet perfect, als het maar echt is.
Hier zijn een paar van mijn eerlijke, ongepolijste tips voor die momenten dat je het even niet meer weet:
- Gebruik een personage als bliksemafleider. Het is veel makkelijker om te praten over de verdrietige beer in het boek dan over je eigen verdriet. Dat noemen ze met een duur woord 'distantiëren', ik noem het gewoon slimme psychologie.
- Wees eerlijk over 'niet weten'. Het is oké om te zeggen: "Ik weet het ook niet precies, maar we zoeken het samen uit." Dat geeft ze meer rust dan een verzonnen verhaal.
- De pauze-techniek. Stop midden in een verhaal en vraag: "Wat denk jij dat die vogel nu voelt?" Zo kom je erachter wat er in dat koppie omgaat zonder ze te verhoren.
- Zoek de juiste middelen. De lokale bibliotheek is een schatkist, maar soms heb je direct iets nodig op je telefoon als de vragen tijdens een lange autorit komen.
Geen enkele ouder is perfect en dat hoeft ook niet. We proberen onze kinderen simpelweg de woorden te geven die ze zelf nog niet kunnen vinden.
Wil jij ook altijd een passend verhaal bij de hand hebben voor de grote en kleine vragen van het leven? Probeer dan de ReadFluffy app. Het helpt ons om samen de wereld een beetje beter te begrijpen, één verhaal per keer.
Laten we die clichés over 'perfecte opvoeding' lekker overboord gooien. Een goed boek en een knuffel, dat is vaak al meer dan genoeg.
Hou vol, je doet het fantastisch! 🧸✨



